ß Home / Index

Correctiefactoren bij roeiwedstrijden, update 2016

 

Jan Katgerman , KR en ZV de Maas

Frans van Mierlo, RIC/RV Breda

Willem Muller, RV Breda

2016-04-25

 

Samenvatting

In de winter 2015/16 is er opnieuw gekeken naar handicapfactoren, op basis van analyse van korte- en lange-afstandsroeiwedstrijden en ergometerresultaten over diverse afstanden.

De tabellen voor leeftijd zijn opnieuw enigszins gecorrigeerd. Ook het effect van afstand en leeftijd is onderzocht en in de tabellen verwerkt. Een correctie voor het boottype 4* (4x+), afwijkend bij enkele verenigingen, wordt geadviseerd.

Verder een oproep om te komen tot een harmonisatie van de nu gebruikte of verouderde tabellen. Ook een oproep om de leeftijdsfactoren toe te passen bij het samenvoegen van ploegen uit verschillende leeftijdscategorieën.

 

Inhoud

  1. Inleiding
  2. Nieuwe aanpassing handicapfactoren HC2015
  3. Verschil in roeiprestaties mannen en vrouwen voor oudere leeftijd.
  4. Lange-afstandsfactoren

4.1  Tabel:  Afstandscorrectiefactor

  1. Windfactoren
  2. Bootfactoren

6.1  Factor 4* (4x+)

  1. Jeugdfactoren
  2. Reglement voor toepassing van de factoren.
  3. Communicatie

9.1  lijst van verenigingen en gebruikte HC-factoren

9.2  Publicatie van de HC-factoren.

  1. Bijlage tabellen

10.1        Tabel leeftijdsfactor per categorie HC2015

10.2       HC-leeftijdstabel per jaar

10.3       Bootfactoren

 

 

  1. Inleiding

Wat willen we:

  • elkaars prestaties toetsen
  • kijken wie de beste roeiprestaties levert.
  • toetsen of onze prestaties veranderen ten opzichte van de anderen

 

Omdat mensen maar op een beperkte leeftijd hun beste sportprestaties leveren is een onderlinge wedstrijd tussen senioren roeiers en veteranen in het algemeen niet erg spannend.

Bovendien zijn er vaak te weinig roeiers en roeisters voor de diverse leeftijdscategorieën, waar men ook nog graag in verschillende boten wil uitkomen. Om de spanning terug te brengen, zijn sinds de jaren 1990 correctiefactoren berekend en geïntroduceerd.

Sindsdien worden correctiefactoren op veel plaatsen gebruikt om jongeren en ouderen, vrouwen en mannen met elkaar te vergelijken. Op dit moment blijkt bij een 20-tal roeiverenigingen handicapfactoren te worden gebruikt.

Enerzijds voor een totaaluitslag op basis van leeftijd-, boot- en m/v-factoren bij een clubcompetitie (Mark- en Rottecompetitie) of bij lange-afstandswedstrijden (Suikerrace), anderzijds om bij te weinig inschrijvingen alleen voor één bepaald boottype samenvoegen van leeftijdscategorieën (DMO) mogelijk te maken.

Vooral de laatste jaren zien we een flinke groei.

In deze jaren zijn er echter ook kleine varianten ontstaan, maar alle wel rond een vaste basis.

 

Met de groei van het gebruik zijn ook vragen ontstaan over de validiteit van de factoren. Eerder zijn ook al kleine aanpassingen geweest aan de correctiefactoren. De oudste berekeningen dateren van de periode ca. 1995, daarna zijn door Willem Muller al enkele keren updates gemaakt van de leeftijdscorrectiefactoren voor roeiwedstrijden (o.a. voor het opzetten van de site http://www.vierzonder.nl in 2005 en voor het symposium van Rijnland in 2010), Jan Katgerman heeft eveneens toetsingen gedaan in 2003 (sprintwedstrijden met start op tijdvertraging) en 2013.

 

Deze maal heeft een groep van drie mensen (Willem Muller, Breda, Frans van Mierlo, RIC en Jan Katgerman, De Maas) opnieuw berekeningen gemaakt van de factoren. We hebben ons de vraag gesteld of op diverse punten aanpassingen mogelijk zijn van de correctiefactoren.

 

In deze ronde hebben we aandacht gegeven aan de volgende aspecten:

  • Nieuwe handicapfactoren
  • De verhouding van prestaties van mannen en vrouwen
  • Lange-afstandsfactoren
  • Windfactoren
  • Bootfactoren
  • Jeugdfactoren
  • Reglement voor toepassing van de factoren
  • Communicatie

 

 

  1. Nieuwe aanpassing handicapfactoren HC2015

Zoals gezegd waren de oorspronkelijke gegevens op de “vierzonder.nl”-site al een paar keer aangepast. Ook over de correctiefactoren voor de RotteRoeiCompetitie ontstonden vragen of de oudere veteranen en de jeugd niet net iets te veel correctie kregen.

Op basis van alle gegevens van de FISA Masters wedstrijden van 2011 t/m 2015 (Poznan, Duisburg, Varese, Ballarat en Hazewinkel) heeft Willem een gemiddelde berekend: de HC2015-waarden. Deze gegevens zijn vergeleken met de tot dan toe gebruikte gegevens. De vergelijking leverde een resultaat op dat overeenkomt met onze verwachtingen: de achteruitgang van de oudere roeiers en roeisters bleek iets minder te zijn dat in het verleden.

De oudste factoren waren voor een belangrijk deel gebaseerd op ergometerresultaten. Die waren verzameld uit de Concept 2 ranking rapporten (Annual World Ranking, personal best times, rowed on the Concept 2 indoor rower). Groot nadeel van deze rapporten is dat alle data moesten worden overgetikt.

 

Tegenwoordig geeft Concept 2 data, die per internet beschikbaar zijn: www.concept2.com/rankings ; daar vindt je online de World Rankings.

Concept 2 heeft op ons verzoek van de afgelopen 10 jaar de resultaten gestuurd, verdeeld over: man/vrouw, zwaar- en lichtgewicht, over 1000 meter, 2000 meter, 5000 meter en 30 minuten. De resultaten van deze 10 jaren zijn opgeslagen in een database (ruim 300 duizend rankings) en daaruit zijn query’s opgesteld. Met deze selecties zijn diverse analyses uitgevoerd.

Deze resultaten zijn geselecteerd en alleen de beste 10% beste resultaten zijn gebruikt. Uiteindelijk zijn correctiefactoren gebouwd en konden deze worden vergeleken met de roeiresultaten van de beste FISA Masters resultaten uit 2011 t/m 2015. Het is opvallend dat de resultaten veel overeenkomsten hebben.


 

  1. Verschil in roeiprestaties mannen en vrouwen voor oudere leeftijd.

In de oude resultaten (1995) hebben we vastgesteld, dat er tussen de prestaties van mannen en vrouwen een vaste factor van 9% bestaat.

 

Op basis van de resultaten van de FISA Masters krijgen we een indruk, dat vrouwen op oudere leeftijd naar verhouding in resultaten iets achterblijven bij de mannen.

Deze indruk was aanleiding om te bekijken of we op basis van de Concept 2 resultaten dezelfde indruk hebben.

In feite waren er geen opvallende verschillen, maar er vielen wel 2 zaken op:

In de Concept 2 resultaten waren de verschillen tussen mannen en vrouwen gemiddeld 19% (bij het roeien 9%), de oorzaak zit in het gewicht: 13,5 kg voor de lichte roeiers, 20 kg voor de zware. Als die worden toegepast, blijken de verschillen vrijwel de 9% te zijn.

Maar de conclusie was ook, dat het vaste verschil in prestatie tussen mannen en vrouwen ook voor de oudere categorieën met deze analyse van de resultaten van Concept 2 over 2006 t/m 2015, werd bevestigd.

 

 

  1. Lange-afstandsfactoren

In de vroegere analyses is op basis van resultaten van 2500 meter en 30 minuten geconcludeerd, dat oudere sporters naar verhouding minder verval hebben naarmate de leeftijd hoger wordt. Daarom zijn voor de RRC, voor lange-afstandswedstrijden, toen de gemiddelden gebruikt van de resultaten over 2500 meter en 30 minuten van Concept 2.

Op vierzonder.nl / Markcompetitie.nl waar de correctiefactoren gebaseerd zijn op resultaten uit FISA Masters (1000 meter wedstrijden) zijn lange-afstandsfactoren gebruikt om correctiefactoren voor de korte afstand (1000 meter) aan te passen voor wedstrijden over langere afstand. Door Erik Peet is in 2013 op basis van resultaten op de ergometer (resultaten van dezelfde mensen op diverse afstanden) een effect berekend, wat aangaf, dat oudere roeiers op langere afstanden relatief minder verval hadden. De resultaten werden gemeten op 1, 2, 5, 6 en 10 km. Deze zijn nu twee seizoenen gebruikt voor de Markcompetitie en lijken een eerlijker resultaat te geven.

Omdat er nu ook resultaten uit andere roeiwedstrijden kunnen worden getoetst (veel meer informatie online beschikbaar), en m.b.v. de nieuwe Concept 2 gegevens, zijn de lange-afstandseffecten gecheckt

 

Voor het roeien is het lange afstand effect getoetst op roeiwedstrijden, waar over verschillende afstanden wordt geroeid.  De Heineken Roeivierkamp H4k geeft veel informatie; daar kan direct in dezelfde wedstrijd gekeken worden of de curven voor de langere afstanden iets vlakker zijn dan voor de kortere afstanden. Daarnaast is voor enkele lange-afstandswedstrijden zoals de Vesta Head in Londen en de Head of the River in Amsterdam gekeken, of op deze lange afstanden de curven vlakker zijn dan die van de FISA Masters over 1000 meter.

 

De resultaten van deze wedstrijden, over meerdere jaren bekeken, waren best wisselend. Het is niet duidelijk wat daar de oorzaak van is, maar vermoedelijk wordt dit veroorzaakt door  o.a.

  • Oudere ploegen die deelnemen bij jongere categorieën
  • Minder deelname bij oudere leeftijden
  • Verschillende omstandigheden (wind en stroom)

In een later stadium zijn ook nog de resultaten van de Skiffhead en de Novembervieren aan de resultaten van de Heineken en Head toegevoegd en de resultaten uitgebreid tot de laatste 7 jaren (alle te vinden op internet).

Op grond van deze analyses was eigenlijk maar ten dele een lange-afstandseffect vast te stellen.

Daarom zijn de resultaten uit deze roeiwedstrijden maar moeilijk te gebruiken om goede gemeenschappelijke handicapfactoren voor het lange-afstandseffect te destilleren. Elke wedstrijd heeft zo zijn eigenaardigheden.

 

 

Met de grote hoeveelheid door Concept 2 aangereikte nieuwe gegevens is een toets gemaakt van het lange-afstandseffect. Uit dit bestand van Concept 2 is een selectie gemaakt van de beste 10% van de resultaten.

 

Uit de Concept 2 ranking met de resultaten op basis van de dataselecties over 1k, 2k, 5k en 30min, voor mannen, vrouwen, zwaar en licht over 10% van de beste resultaten, zijn uiteindelijke de lange-afstandscorrectiefactoren berekend.

 

Dat leverde nieuwe sets van mogelijke factoren, die zijn gevoegd naast de al eerder bepaalde lange-afstandsfactoren en de H4k-factoren. Elke set factoren is ondersteund door een voldoende aantal concrete gegevens en kon dus een bijdrage leveren om te komen tot de set lange-afstandscorrectiefactoren.

 

Daarbij is het van belang om te blijven beseffen, dat de toevoeging van de lange-afstandsfactoren aan de leeftijdscorrectiefactoren maar kleine aanpassingen veroorzaken. 

Op basis van de waargenomen resultaten hebben we beslist om alleen over afstanden groter dan 4000 m. de lange-afstandsfactoren te hanteren.

Wedstrijden korter dan deze afstand zijn bijna altijd wedstrijden over 1 km, soms 2 of 2,5 (H4k) km Voor die afstanden  zijn er geen redenen om lange-afstandsfactoren toe te passen. De lange-afstandswedstrijden zijn vaak rond de 4,5 a 5,5 km, soms nog veel langer. Uit de cijfers hebben we niet kunnen constateren dat het lange-afstandseffect steeds toeneemt als de wedstrijdafstand steeds groter wordt.

Daarom is besloten slechts 1 set toe te passen voor alle wedstrijden over lange afstanden (afstanden >= 4 km.).

Van alle sets zijn de nieuwe gegevens van Concept 2 gekozen als basis voor de lange-afstandsfactoren afstand factoren.

Ook gezien de resultaten op de 2000 meter, gebruiken we dan op korte afstanden (minder dan 4000 meter) gewoon de HC2015, de correctiefactoren die zijn gemaakt met de FISA Masters van de afgelopen jaren.

 

4.1 Tabel: Afstandscorrectiefactor

 

1,000

31

1,005

39

1,009

46

1,013

52

1,016

57

1,020

62

1,023

67

1,026

72

1,029

77

1,032

82

1,035

87


 

 

5.     Windfactoren

Bij roeiwedstrijden kan wind een belangrijke factor zijn. Bovendien heeft tegenwind een veel grotere invloed op de prestaties dan wind mee.

In het algemeen geldt, dat wind mee of schuin mee geen noemenswaardige invloed heeft, maar dat tegenwind een daadwerkelijke invloed kan hebben op de resultaten.

Een grotere boot (b.v. een 8+) heeft minder last van de wind dan een kleine boot.

Gebruik van tegenwindfactoren is niet nieuw. Ook in het voorstel voor roeifactoren uit 1995 werden windfactoren voorgesteld. Wel is de situatie bij verschillende wedstrijden verschillend.

Bij de RotteRoeiCompetitie van De Maas wordt iets minder gecorrigeerd dan bij de Markcompetitie. Bij De Maas wordt de tegenwindfactor gehanteerd vanaf meer dan 4 Bft tegenwind op de meerderheid van het wedstrijdtraject en dan krijgen de skiffjes 1% meer correctie en de tweeën 0,5% meer correctie. Bij de Markcompetitie is dat vanaf 3 Bft. op de meerderheid van het wedstrijdwater en dan krijgen skiffs 1,5%, tweeën 1% en vieren 0,5%.

In het nieuwe voorstel is wel gekeken naar windfactoren, maar nog niet voldoende onderzoek gedaan.

Wel bestaat de indruk uit resultaten van roeiwedstrijden (bv FISA Masters 2015 in Hazewinkel), dat tegenwind toch een aanzienlijke factor kan zijn.

Ook omdat hebben we gezocht naar een nationale standaard, is besloten om voorlopig de volgende tegenwindfactoren voor te stellen:

Bij tegenwind op de meerderheid van het wedstrijdtraject, groter dan 3 Bft, worden de onderstaande extra correctiefactoren gebruikt:

Skiffs               1,5%  

Tweeën          1 %

Vieren             0,5%

 

 


6.     Bootfactoren

Meer gegevens geven ook mogelijkheden voor nieuwe controles en checks. Uit de gegevens van de FISA Masters in: Hazewinkel (2015) , Varese (2013), Duisburg(2012) en Poznan (2011), aangevuld met Trakai (2010), Zagreb(2007) en Princeton (2006) zijn de bootfactoren opnieuw berekend.

Basis waren de matrices met de uitslagen van de beste 10%, die ook zijn gebruikt voor de leeftijdscorrectie-analyse. De Hazewinkel-uitslagen uit 2015 zijn gecorrigeerd met de tegenwindfactoren (1x 0,985) 2- en 2x (0,99) en 4-, 4x en 4+ (0,995), omdat er bijna het hele toernooi een forse tegenwind was.

De resultaten voor de mannen en vrouwen zijn apart berekend en voor het totale resultaat is het gemiddelde genomen. Daarbij zijn alle leeftijdscategorieën zonder weging meegenomen. De resultaten zien er globaal als volgt uit:

 

Tabel  Bootfactoren op basis van FISA Masters wedstrijden tussen 2006 en 2015

 

Boot

huidig

Gem M+V

afwijking

1x

1

1

0,0%

2-

1,039

1,034

-0,5%

2x

1,076

1,083

0,7%

4-

1,122

1,122

0,0%

4+

1,094

1,089

-0,5%

4x

1,164

1,168

0,4%

8+

1,206

1,206

0,0%

 

Nader bezien blijken er wel enkele afwijkingen te zijn tussen de toernooien. Dat is in onderstaande grafiek weergegeven.

 

Grafiek  Verschillen diverse FISA Masters wedstrijden

 

 

Conclusie:

De gevonden resultaten geven onvoldoende aanleiding om de HC-factoren voor een boottype te veranderen. De verschillen blijven redelijk klein. In feite geven de resultaten weer, dat de oorspronkelijke aanpassingen (1995) op de WK-resultaten[1] nog steeds nodig zijn. Mogelijk kan nieuw onderzoek in de toekomst worden gedaan met recente WK-gegevens .

 

6.1 Factor 4* (4x+)

Bij de correctiefactoren, die door De Maas worden gebruikt voor de RotteRoeiCompetitie, bestonden al enige tijd vragen over de bootfactor van de gestuurde dubbelvier. De indruk bestaat, dat de factor voor de 4x+ bij de RRC te laag is (gecorrigeerd te snelle resultaten).

Omdat op FISA en FISA Masters wedstrijden niet in de 4x+ wordt gestart, is er slechts een beperkte hoeveelheid data beschikbaar. We hebben getracht informatie te gebruiken van de Novembervieren. De online gegevens van de Novembervieren (2010 t/m 2015) zijn gebruikt.

 

Van alle gegevens zijn alleen eerste plaatsen gebruikt. Niet in alle velden wordt zowel 4+ als 4x+ gestart. Ook in deze analyse waren de resultaten behoorlijk wisselend en bepaald niet stabiel. Bij de herenveteranen komt het zelfs voor dat een 4+ sneller is dan een 4x+, terwijl bij de vrouwenveteranen de balans regelmatig naar de andere kant doorslaat (4x+ veel sneller dan de 4+). Een oorzaak kan het weer zijn, want bij de Novembervieren wordt in drie blokken gestart. Bovendien zou het kunnen zijn, dat de betere vrouwen veteranenploegen in de 4x+ starten en de betere mannen veteranenploegen in de 4+.

Van de gebruikte resultaten van de Novembervieren zijn twee gemiddelden gebruikt, die verschillen voor senioren en voor veteranen. Door mannen en vrouwen uit te middelen, komt er een bruikbaar resultaat, waardoor de verschillen in redelijke mate worden geëvalueerd:

 

 

Gem. Vet.

Gem. Sen.

V

0,937

0,976

M

0,996

0,967

Gem.

0,967

0,971

Alg. Gem.

0,976

 

Uiteindelijk hebben we geconcludeerd, dat we de verhouding van de factor 4+/4x+ uit de resultaten van de Novembervieren van de afgelopen 5 jaar op 0,971 beoordelen.

 

Naast de vergelijking van de gestuurde vieren kunnen we kijken naar de vergelijking van de ongestuurde vieren. De thans gebruikte verhouding van de ongestuurde vieren, 4-/4x zijn:

 

4-/4x

 

RRC

0,964

MC

0,964

FISA M

0,961

 

 

Dat is iets lager dan de verhoudingen van de 4+/4x+. Waar dit aan ligt, weten we niet. Op zich is juist die lagere verhouding voor ons de reden om de factor van “vierzonder.nl” aan te houden en voor de factor 4+/4x+ voorlopig de verhouding 0,968 te gebruiken. In feite een goed gemiddelde van de berekende factoren.

Op grond daarvan bevelen we aan om ook voor de RRC voor de 4x+ de factor 1,130 te gebruiken.

 

 

7.     Jeugdfactoren

Bij de roeicorrectiefactoren voor de jeugd speelt het gewicht een belangrijke rol, zeker als we ons op ergometerresultaten moeten baseren. Helaas is dat in de Concept 2 resultaten niet vastgelegd. Ook bij de ons bekende ergometerwedstrijden in Nederland worden geen gewichten vastgelegd.

De bestaande gewichten van de jeugd wijken slechts weinig af van de gewichten, die in 1995 werden gebruikt . Daardoor is er op grond daarvan geen aanleiding om de jeugdfactoren aan te passen.

In een later stadium zal in nieuw onderzoek vooral aandacht moeten worden gegeven aan de gewichten van junioren en roei(st)ers onder 23 jaar.

 

 

8.     Reglement voor toepassing van de factoren.

Bij clubwedstrijden of competities maakt men gebruik van (exacte) leeftijds-, boot- en m/v-factoren om tot een eindresultaat/klassement te komen.

Bij een groot aantal kleinere lange-afstandswedstrijden zijn er inschrijvingen in de meeste boottypes en in diverse categorieën mogelijk.

Soms hebben veteranenploegen, meestal in de categorieën G,H en I, een probleem, dat ze in wedstrijden geen tegenstand hebben in hun leeftijdsgroep en dan tegen (veel) jongere ploegen moeten starten. Het komt voor bij veel van de nationale wedstrijden. Wedstrijdorganisaties weten vaak wel van het bestaan van handicapfactoren, maar hebben geen kennis of zin, die toe te passen.

Daartegen willen we actie ondernemen en daarom willen we wat meer publiciteit geven en/of de organisaties zelf te benaderen om aan te geven, wat handicapfactoren in hun situatie kunnen betekenen. Het noodgedwongen starten in een veteranennummer met ploegen van nogal uiteenlopende leeftijden, geeft minder voldoening.

Het is in veel situaties niet nodig om dit op alle races toe te passen, maar wel als er in velden weinig inschrijving is. Dan kan groeperen en HC-factoren toepassen, uit oogpunt van sportiviteit en wedstrijdspanning, voor de deelnemers extra motivatie geven.

 

 

9.     Communicatie

Naast de communicatie over de nieuwe aanpassingen aan de handicapfactoren willen we ook verenigingen en wedstrijdorganisaties, die handicapfactoren gebruiken of zouden willen gebruiken, benaderen om aan te geven dat er nieuwe correctiefactoren zijn. Ook om te benaderen, dat inmiddels zoveel onderzoek en overleg is geweest, dat de door ons opgestelde factoren goed gebruikt kunnen worden als een standaard.

Het gebruiken van een standaard heeft bovendien het grote voordeel, dat roeiers en roeisters in de diverse wedstrijden, waar zij aan meedoen, met dezelfde factoren worden geconfronteerd.

Aan zowel verenigingen als Breda en De Maas wordt in ieder geval geadviseerd deze nieuwe set factoren te gaan gebruiken. In feite is dat een grote opstart om de nieuwe factoren als een nationale standaard neer te gaan zetten.

 

Voor de communicatie hebben we een lijst gemaakt van de verenigingen, die roeiwedstrijden met correctiefactoren organiseren. Naast het organiseren van roeiwedstrijden zijn er ook veel verenigingen die voor het ergometer vergelijkingen correctiefactoren hanteren.


 

9.1       Verenigingen en gebruikte HC-factoren voor roeiwedstrijden:

Vereniging in Nederland

Wedstrijd 

Gebruikte HC

Asser Roeiclub

HARC

De Maas

Breda

Markcompetitie/regatta

vierzonder.nl

Beatrix

Winterrace

vierzonder.nl

Roosendaalse Roeivereniging

Suikerrace

vierzonder.nl

De Maas

RotteRoeiCompetitie

De Maas

De Maas / Skadi

Erasmussprints

De Maas

Zwolsche

Wintercompetitie

vierzonder.nl?

 

Zwarte water  

vierzonder.nl?

Cornelis Tromp

BBR (brug tot brug competitie)

CTromp

IRIS

Diverse wedstrijden

vierzonder.nl

Dudok van Heel

Army Regatta

vierzonder.nl

Rijnland / Breda / De Maas

DMO

vierzonder.nl

Gouda

Goudse Mijl

vierzonder.nl

De Hertog

Dommelregatta

CTromp

Leerdam

Linge Bokaal

vierzonder.nl

Daventria

IJssel Regatta

vierzonderr.nl

De Hoop

Veteranen Klassement

vierzonder.nl

Die Leythe

Korte Vliet Wedstrijden

vierzonder.nl (2005)

TOR

Moordregatta

vierzonder.nl

Okeanos

Amsterdam Masters

vierzonder.nl?

ZRB

ZRB Roeiwedstrijden

?

Time Team

diverse wedstrijden

?

 

 

 

Verenigingen in Belgie

 

 

Brugge

Brugge Boat Race

Boothc (vierzonder.nl)

Luik

Internationale Marathon

?

 

In het buitenland zijn er diverse verenigingen, die ook handicapfactoren gebruiken. We doen ons best ze te vinden, maar het is best een grote klus. De ons bekende namen zijn vermeld.

In Duitsland en het Verenigd Koninkrijk bestaan min of meer officiële HC-tabellen, zeker in het VK. (daar kent men ook een afstands-effect). Ze worden in het algemeen altijd gebruikt bij het  samenvoegen van ploegen met verschillende leeftijdscategorieën

 

9.2 Publicatie van de HC-factoren

Naast een rechtstreekse communicatie met verenigingen en wedstrijdorganisaties willen we in het algemeen bekendheid geven aan de nieuwe correctiefactoren.

Zo zullen de resultaten worden opgenomen in de website van de Dutch Masters Open.

Maar wellicht ook op andere sites kunnen links worden gemaakt naar deze nieuwe basis.

De website “vierzonder.nl” zal namelijk op termijn uit de lucht worden genomen (de verouderde software mist allerlei toepassingen om weer aantrekkelijk te kunnen worden).

We kijken nog naar verdere mogelijkheden dit onder de aandacht te brengen op diverse bijeenkomsten van bestuurders, KNRB functionarissen, kamprechters, coaches en wedstrijdroeiers.

 


10.   Bijlage tabellen

 

10.1   Leeftijdstabel per categorie: HC2015

 

HC2015 factoren voor wedstrijden < 4 km

HC2015 lang factoren voor wedstrijden >= 4km

 

 

 

HC2015

          HC2015 lang

FISA Cat.

Heren

Dames

Heren

Dames

Sen

1,000

0,900

1,000

0,900

A

V27+

0,990

0,891

0,990

0,891

B

V36+

0,972

0,875

0,977

0,879

C

V43+

0,952

0,857

0,961

0,865

D

V50+

0,932

0,839

0,944

0,850

E

V55+

0,912

0,821

0,927

0,834

F

V60+

0,888

0,799

0,906

0,815

G

V65+

0,859

0,773

0,878

0,790

H

V70+

0,820

0,738

0,842

0,757

I

V75+

0,771

0,694

0,793

0,714

J

V80+

0,706

0,636

0,729

0,656

K

V85+

0,623

0,560

0,645

0,580

 


10.2 HC-leeftijdstabel per jaar

 

HC2015 < 4km
HC2015lang >= 4km

 

 

 

 

HC2015

HC2015 lang

FISA cat.

Lft.

Heren

Dames

Heren

Dames

13

0,854

0,766

0,854

0,766

14

0,887

0,796

0,887

0,796

15

0,915

0,821

0,915

0,821

Jun

16

0,940

0,843

0,940

0,843

17

0,960

0,861

0,960

0,861

18

0,975

0,874

0,975

0,874

19

0,985

0,884

0,985

0,884

20

0,994

0,891

0,994

0,891

21

1,000

0,900

1,000

0,900

22

1,000

0,900

1,000

0,900

Sen

23

1,000

0,900

1,000

0,900

24

0,999

0,899

0,999

0,899

25

0,999

0,899

0,999

0,899

26

0,998

0,899

0,998

0,899

 

27

0,997

0,897

0,994

0,895

 

28

0,995

0,896

0,993

0,894

 

29

0,994

0,894

0,992

0,893

 

30

0,992

0,893

0,991

0,892

A

31

0,990

0,891

0,990

0,891

 

32

0,988

0,890

0,989

0,890

 

33

0,986

0,888

0,988

0,889

 

34

0,984

0,886

0,986

0,888

 

35

0,982

0,884

0,985

0,886

 

36

0,980

0,882

0,983

0,885

 

37

0,977

0,880

0,981

0,883

 

38

0,975

0,877

0,979

0,881

B

39

0,972

0,875

0,977

0,879

 

40

0,970

0,873

0,975

0,878

 

41

0,967

0,870

0,973

0,876

 

42

0,964

0,868

0,971

0,874

 

43

0,961

0,865

0,968

0,872

 

44

0,958

0,862

0,966

0,869

 

45

0,955

0,860

0,964

0,867

C

46

0,952

0,857

0,961

0,865

 

47

0,949

0,854

0,959

0,863

 

48

0,946

0,851

0,956

0,860

 

49

0,942

0,848

0,953

0,858

 

50

0,939

0,845

0,950

0,855

 

51

0,936

0,842

0,947

0,853

D

52

0,932

0,839

0,944

0,850

 

53

0,928

0,835

0,941

0,847

 

54

0,924

0,832

0,938

0,844

 

55

0,920

0,828

0,934

0,841

 

56

0,916

0,825

0,931

0,838

E

57

0,912

0,821

0,927

0,834

 

58

0,908

0,817

0,923

0,831

 

59

0,903

0,813

0,919

0,827

 

60

0,898

0,809

0,915

0,823

 

61

0,894

0,804

0,910

0,819

F

62

0,888

0,799

0,906

0,815

 

63

0,883

0,795

0,901

0,811

 

64

0,877

0,790

0,896

0,806

 

65

0,871

0,784

0,890

0,801

 

66

0,865

0,779

0,884

0,796

G

67

0,859

0,773

0,878

0,790

 

68

0,852

0,766

0,872

0,784

 

69

0,844

0,760

0,865

0,778

 

70

0,837

0,753

0,857

0,772

 

71

0,829

0,746

0,850

0,765

H

72

0,820

0,738

0,842

0,757

 

73

0,811

0,730

0,833

0,750

 

74

0,802

0,722

0,824

0,742

 

75

0,792

0,713

0,814

0,733

 

76

0,782

0,704

0,804

0,724

I

77

0,771

0,694

0,793

0,714

 

78

0,759

0,683

0,782

0,704

 

79

0,747

0,672

0,770

0,693

 

80

0,734

0,661

0,757

0,681

 

81

0,721

0,648

0,743

0,669

J

82

0,706

0,636

0,729

0,656

 

83

0,691

0,622

0,714

0,643

 

84

0,675

0,608

0,698

0,628

 

85

0,659

0,593

0,681

0,613

 

86

0,641

0,577

0,663

0,597

K

87

0,623

0,560

0,645

0,580

 

88

0,603

0,543

0,625

0,562

 

89

0,583

0,524

0,604

0,544

 

90

0,561

0,505

0,582

0,524

 

 

10.3 Tabel  Bootfactoren

 

Boot

Windfactor

 

 

>=3bft*

1x

1,000

0,985

2-

1,039

0,990

2x

1,076

0,990

4+

1,094

0,995

4-

1,122

0,995

4x+

1,130

0,995

4X-

1,164

0,995

8+

1,206

1,000

8x

1,244

1,000

C4+

0,983

0,995

C4x+

1,050

0,995

C1x

0,914

0,985

 

*bij tegenwind van 3 beaufort toepassen.

 

Tabel 10.4 Stromend water factoren

(In ontwikkeling)

 

 



[1]  Tekst uit correctiefactoren voor roeiwedstrijden 1995

Als correctie voor de 2 km baanafstand en de homogeniteit van deze ploegen zijn de resultaten van de tweeën met 1% en de vieren en achten met 2 % verminderd.